Vorig resultaat Volgend resultaat

Nieuwe standaarden en interpretaties Gesegmenteerde informatie

Bepaling reële waarde

Een aantal grondslagen en de informatieverschaffing van de Groep vereisen de bepaling van de reële waarde van zowel financiële als niet-financiële activa en verplichtingen. Voor waarde­rings- en informatieverschaffingsdoeleinden is de reële waarde op basis van de volgende methoden bepaald.

Materiële vaste activa

De reële waarde van de materiële vaste activa die ten gevolge van een bedrijfscombinatie zijn opgenomen, is gebaseerd op marktwaarde. De reële waarde is berekend op basis van actuele aanschafprijzen of is bepaald door de historische aanschafwaarde met behulp van indexcijfers op het huidige prijspeil te brengen.

Vastgoedobjecten

De reële waarde is op onafhankelijke, professionele wijze bepaald met inschakeling van erkende deskundigen. Hierbij is rekening gehouden met de lopende huurovereenkomsten die de Groep op zakelijke, objectieve grondslag heeft gesloten en die vergelijkbaar zijn met die voor vergelijkbaar vastgoed op dezelfde locatie. Om tot de waardering van het vastgoed te komen, worden de jaarlijkse nettohuren gedisconteerd met behulp van een factor waarin de specifieke risico’s zijn begrepen die inherent zijn aan de nettokasstromen. Voor de factor is uitgegaan van 10% per jaar (2012: 10%).

De reële waarde van vastgoedobjecten wordt alleen ten behoeve van de informatieverschaffing bepaald.

Immateriële vaste activa

De reële waarde van overige immateriële vaste activa is gebaseerd op de verwachte contante waarde van de kasstroom uit het gebruik en de uiteindelijke verkoop van de activa.

Beleggingen in obligaties en deposito’s

De reële waarde van tot einde looptijd aangehouden financiële activa en voor verkoop beschikbare financiële activa wordt bepaald op basis van de prijs per verslagdatum. De reële waarde van tot einde looptijd aangehouden beleggingen wordt alleen ten behoeve van de informatieverschaffing bepaald.

Debiteuren en overige vorderingen

De reële waarde van handels- en overige vorderingen, exclusief onderhanden projecten in op­dracht van derden, wordt tegen de contante waarde van de toekomstige kasstromen geschat, die op hun beurt worden gedisconteerd tegen de interbancaire swaprente per verslagdatum.

Derivaten

De reële waarde van derivaten wordt gevormd door het geschatte bedrag dat de Groep zou ontvangen of betalen om het contract per balansdatum te beëindigen, waarbij rekening wordt gehouden met de actuele rente en de actuele kredietwaardigheid van de tegenpartijen bij het contract.

Niet-afgeleide financiële verplichtingen

De reële waarde van niet-afgeleide financiële verplichtingen wordt bepaald ten behoeve van de informatieverschaffing en berekend op basis van de contante waarde van toekomstige aflos­singen en rentebetalingen, gedisconteerd tegen de marktrente per verslagdatum. Voor financiële leases wordt de marktrente bepaald aan de hand van vergelijkbare leaseovereenkomsten.